Home Middenbouw Wereldoriënatie Lente: Kikkers en kikkervisjes
|
|
Lente: Kikkers en kikkervisjes |
|
|
Inleiding:  Laat de kinderen platen van kikkers zien en stel vragen. Wat zijn dit voor beesten? Wat weten de kinderen zelf al over kikkers? Waar wonen ze? (ze wonen in sloten, vijvers, enz.) Wat eten ze? (wormen, spinnen, slakken, kevers, vliegen, wespen, insecten en larven) Hoe zien ze er uit? (groen of bruinig, grote achterpoten, grote ogen op hun kop, een lange tong) Komt een kikker uit een ei? (ja) Hoe weet je dat? Print de platen (pagina 2) van de kikkerkringloop uit. Wie heeft wel eens kikkerdril gezien? Hoe ziet dat er uit? Laat de foto van het kikkerdril zien. Als het kikkerdril uitgekomen is, hoe zien de kikkervisjes er dan uit? Wie kan dat op het bord tekenen? Laat de kinderen ook hiervan een foto zien. Welke poten krijgen de kikkervisjes eerst, de voor of de achterpoten? (achterpoten) Hoe lang duurt het ongeveer voordat het kikkerdril uitkomt? (ongeveer 10 dagen) Waarom kwaken kikkers? (ze proberen een vrouwtje te lokken) Wanneer legt een kikker de eitjes? (april/mei) Kern:
Ga met de kinderen buiten op zoek naar kikkerdril. Indien er geen sloot of vijver in de buurt is, kun je ook van te voren kikkerdril halen en alvast in een bak klaarzetten. Richt samen met de kinderen de bak in. Er moet in elk geval een stukje hout in drijven, zodat de kikkers als ze straks naar boven moeten om adem te halen op het stuk hout kunnen zitten. Neem het slootwater mee, hier zit voldoende voeding in voor de kikkervisjes. Ververs het minimaal iedere week.
Afsluiting:
Deel het werkblad uit. Laat de kinderen de vragen maken. Bespreek de antwoorden mondeling. Laat de kinderen goed bijhouden hoe de kikkervisjes veranderen.
|
|