Home Middenbouw Gym Lente: Voorjaarsgymles
|
|
Lente: Voorjaarsgymles |
|
|
Inleiding:  Begin de les met een tikspel. De kinderen mogen zich alleen ‘springend als een kikker’ voortbewegen. Eén kind is de tikker. Ook hij/zij mag alleen kikkersprongen maken. Hoeveel ‘kikkers’ kan hij/zij in twee minuten tikken? (Zet eventueel de kookwekker!) Herhaal het spel een paar keer.
Kern:
Leg in de lengte van de zaal aan weerskanten matjes in een rij. Verdeel de klas in 2 groepen. Elke groep gaat in een rij staan voor de matjes. Vertel de kinderen dat ze lammetjes zijn die over sloten in de wei moeten springen. Ze mogen niet in het water raken, want dan kunnen ze verdrinken. Om het moeilijker te maken kunnen de matjes verder uit elkaar gelegd worden. Laat steeds 2 kinderen tegelijk starten, als deze kinderen bij het 4e matje zijn mogen de volgende twee kinderen beginnen. In de lente leggen veel vogels een ei. Haal de matjes weg en zet 4 estafette-banen uit. Elke estafette-baan ziet er als volgt uit: in het begin een hoepel met 3 tennisballen, even verderop een korfbalmand, dan 4 pilonnen op 1 meter afstand van elkaar, vervolgens een bank (evenuteel op z'n kop) en aan het einde een korfbalmand en een grote bal. Bij de hoepels moeten de kinderen de eieren (tennisballen) om beurten naar de korf brengen. Kuikentjes moeten leren lopen, dit doen ze door slalom door de pilonnen te lopen, ook oefenen ze het huppelen op twee benen, van springtouw tot springtouw en als laatste moeten ze een struisvogelei in de korf gooien (die niet te hoog staat) Verdeel de klas in 4 groepen. Elke groep start in zijn eigen estafette-baan. De leerkracht let op of de opdrachten goed worden uitgevoerd. De groep die als eerste weer in een rij zit is de winnaar.
Afsluiting:
Laat alle kinderen een plaatsje in de zaal opzoeken, waar ze ineengekoken gaan zitten. Zet muziek aan, bijvoorbeeld "lente" van Vivaldi. De kinderen zijn narcisbolletjes die heel langzaam uitkomen. Uiteindelijk staan ze en wapperen ze in de wind. Op een teken van de leerkracht gaan de bloemen weer langzaam slapen en eindigen ze weer ineengedoken op de grond.
|
|